De winter lijkt uiteindelijk op zijn einde te komen. Ik hoop ook dat de vogelgriep­perikelen tot een einde komen. Een seizoenstart begin mei vind ik overigens niet erg; het is nu veel te koud voor mezelf, maar de duiven kunnen daar prima mee omgaan.

Voeding en voorbereiding

Of ik me geen zorgen maak omdat de duiven nog niet los geweest zijn, wilde iemand weten. Onze duiven eten het hele jaar dezelfde mengeling, daardoor zijn ze nooit te zwaar. Onze mengeling is vetrijk en eiwitarm, vandaar dat ik twee keer per week Prestavit erover doe.

Het voordeel van een eiwitarme mengeling is dat de duiven mooi roze van vlees blijven. Duiven die nu volop kweekvoer krijgen, hebben sneller blauwer vlees. Daarbij stapelen die overtollige eiwitten zich op en worden ze erg stram wanneer je ze voor het eerst weer loslaat — dat is mijn ervaring.

Hier vliegen de duiven vaak meteen volop wanneer ze voor het eerst loskomen, zonder spierblessures. Alleen wanneer er op ze gejaagd wordt, kan je dat wel eens hebben.

Zoals gezegd verander ik mijn systeem nooit. Dat heb ik allemaal in de loop der jaren met vallen en opstaan uitgezocht. Ze kunnen hier perfect een heel jaar door met altijd dezelfde mengeling. De jongen komen perfect op, ze ruien perfect uit en elk jaar kweek ik wel enkele toppers.

NPO‑mix en samenstelling

Of de vernieuwde NPO‑mengeling gerst bevat omdat die nu beter geschikt zou zijn om bij thuiskomst te geven, wordt me ook vaak gevraagd. Nee dus. Gerst is voor mij voer voor de varkens — wat een ander daarvan vindt, boeit me niet. Ik heb liever paddy­rijst in de plek.

De vernieuwde NPO‑mix bevat iets meer witte en rode dari en iets minder witte safloorpitten. Eigenlijk is hij nog vetrijker, maar dat hebben de duiven nodig bij thuiskomst. Met alle aanwezige vetten en de toegevoegde eiwitten uit de Prestavit herstellen ze supersnel — en dat is nodig wanneer ze elke week gespeeld worden.

Voerschema tijdens het seizoen

De verbeterde NPO‑mix heb ik dit jaar uitgetest en die bevalt me super. Ik geef die op de dag van inmanden en bij thuiskomst 100% NPO‑mix. De dag na thuiskomst 50% NPO‑mix en 50% basis. Die basis bestaat uit vier delen Championsmix en één deel NPO‑mix.

Tijdens de vluchten ga ik vanaf dinsdagavond, na de laatste maaltijd basismix, nog een keer navoeren met enkel NPO‑mix.

Winterjongen en verzorging

De winterjongen ruien op dit moment als bezetenen. Die krijgen nu elke week enkele dagen Sedochol in het water en de andere dagen Naturaline. Ze luisteren perfect: bij de laatste maaltijd moet alles op zijn, anders haal ik het weg. In de ochtend gaan ze enkele uren los en wanneer ze binnenkomen, krijgen ze volop eten dat de hele dag blijft staan.

Of we dit jaar half april kunnen vliegen, betwijfel ik nog met de oprukkende vogelgriep. We kunnen alleen onze duiven klaar zien te maken voor het nieuwe seizoen — meer valt er niet te doen.

Jongen dagelijks los

De jongen gaan nu alle dagen naar buiten voor een paar uur. Inmiddels luisteren ze al redelijk wanneer ik ze binnenfluit. Er komt een tijd aan dat ze de hele dag los gaan, omstreeks begin april. De ergste roofvogel­aanvallen zijn dan voorbij.

De hele dag jongen los heb ik eigenlijk altijd gedaan tot aan het vliegseizoen. Ze leren de omgeving kennen en schrikken met regelmaat op. Zo moeten ze ook afharden; het gaat om diegene die zich gezond kan houden onder alle omstandigheden.

Kweekduiven en selectie

De kweekduiven gaan dit jaar vroeg uiteen — de planning is eind mei, begin juni. Dus de bonnenkopers moeten er op tijd bij zijn. De kweekduiven blinken als pauwen; de Origanum Red die ze dagelijks krijgen is voor mij wonderspul.

Die kweekduiven hebben eind september een Tricho‑tablet gekregen en verder krijgen ze een heel jaar niets. Ik ben blij dat ik enkele jaren terug alles verjongd heb en de oude lichting van vóór 2020 weg heb gedaan.

Het moet geen bejaardentehuis worden, vind ik. Daarbij wil ik niet meer dan 120 duiven de winter doorhouden, en dat worden er de komende jaren zeker nog minder. Jongen kweek ik wel een forse ploeg — die selecteren zichzelf wel. Na enkele vluchten breng ik dat toch terug naar een 60‑ à 80‑tal, genoeg om het jonge‑duivenspel mee af te haspelen.

Bij de oude hou ik sinds enkele jaren ook driejarige vliegduiven; die lijken dan echt op hun sterkst. Dat zijn natuurlijk wel duiven die elk jaar door de strenge selectie gekomen zijn. In de kweek heb je daar vaak minder lang plezier van, omdat ze meer dan 80 prijs­vluchten gemaakt hebben. Ze bevruchten vaak minder lang of stoppen eerder met leggen. Dragon Girl bijvoorbeeld had drie jaar gevlogen, ging naar de kweek en legde maar tot 2024.

Olympic Millennium en Golden Ace vlogen beide tot ze twee jaar waren. Ze zijn ook van 2017 en legden dit jaar opnieuw bij mijn Chinese vriend — inmiddels negen jaar oud — en daar heb ik elk jaar acht koppels eitjes van getrokken.

Jongen dagelijks buiten

De jongen gaan hier zoveel mogelijk elke dag naar buiten. Regen of geen regen — ik kijk daar niet naar. Ze zitten overdag ook gewoon in de regen in de ren die voor het hok hangt en aan alle kanten open is. Ze kunnen naar binnen als ze dat willen.

Duiven kunnen uitstekend met al die omstandigheden omgaan. Vandaar dat ik de jongen gerust opleer en loslaat als het regent. Hier is nog nooit een duif ziek geworden door het weer. Het enige nadeel met dit weer is het vocht in de hokken; duivenmest trekt op de een of andere manier toch altijd vocht aan.

Is het een dag droog met zon en wind, dan zijn de hokken ook weer snel droog doordat ze volledig openstaan. Ook de oude duiven zitten overdag in de ren die voor het jonge‑duivenhok van de derde ronde hangt. Aangezien dat hok nu nog leeg staat, kan dat perfect.

Stand van de kweek

De jongen van de eerste leg van de vliegduiven zijn gisteren geringd. De tweede leg valt aankomend weekend uit en dan kunnen de duivinnen begin maart eraf. De doffers brengen dan hun kroost groot.

Na de eerste week van maart begint de training voor de oude duiven. De eerste drie weken trainen ze aan huis, daarna gaan ze één of twee keer naar 30 km voor de eerste prijsvlucht. De opleervluchten met de vereniging sla ik meestal over, tenzij het echt mooi weer is.

Thuis afslaan en gemak

Met de techniek die tegenwoordig voorhanden is, kunnen we thuis afslaan. Bij ons in de vereniging gebeurt dat nog niet, maar ik wil daar toch eens naar gaan vragen.

Als de duiven thuis zijn, ga ik er graag op uit met mijn echtgenote. Als het mooi weer is, de fietsen in de auto en richting Zeeland — dan is zo’n thuisafslag ideaal. Degene die wat ouder zijn en graag een praatje maken of wat drinken in het clubgebouw, kunnen dat dan alsnog.

Het leven gaat door, en dat wil niet zeggen dat alles altijd maar in het belang van de duivensport moet zijn. Vandaar dat ik het mezelf zo gemakkelijk mogelijk maak in de verzorging. Ga ik een nachtje weg in het kweekseizoen, dan krijgen ze gewoon extra eten en drinken.

Effect van licht

Duiven kunnen met gemak een keer een nachtje verduisteren overslaan in maart; dat is geen enkel probleem voor de pennenrui.

Zo had ik in april eens een kapotte tijdklok. Achteraf bleken de duiven meer dan zes weken dag en nacht in het licht te hebben gezeten. Ze kwamen super in de april‑/meimaand. Het gekke is dat ik geen rui‑problemen had, al kon ik de nalijn niet meer spelen omdat de rui toen op gang kwam.

Spelen met licht kan wonderen verrichten — daar kwam ik toen wel achter. Zet de duiven maar eens 24 uur in het licht tijdens de laatste belangrijke vluchten; volgens mij kan je er een knaluitslag mee maken.

Kweekseizoen loopt op het einde

Het kweekseizoen loopt voor mij op zijn einde. De kwekers leggen de laatste eitjes waar ik nog mee ga spelen, op enkele topkoppels na die nog een extra ronde brengen. Voor de PIPA‑veiling wordt een klein groepje gekweekt — niet te veel, want ik wil alle kwekers in juni uiteen hebben.

Alles gebeurt dit jaar iets eerder. De vluchten starten ook wat vroeger en zoals ik al eerder vermeldde, mis ik de start van het vliegseizoen zelden, of het nu met de oude of met de jongen is. Alles is een kwestie van voorbereiden. De oude duiven komen pas los zodra de jongen gespeend zijn — ik denk begin maart.

Daarna duurt het nog zes weken om conditie op te bouwen, en dat is lang genoeg. Topconditie hoeft niet meteen; die moet ergens in juni pieken, dus tijd zat.

Opleren en verzorging

Jongen vroeg of laat opleren maakt in mijn ogen niets uit. Ik heb dat allemaal allang uitgetest. Een week of vier intensief rijden voor de start van de vluchten is genoeg om ze klaar te stomen. Dat winterjongen “te dom” zouden zijn, geloof ik geen snars van. Intelligentie is aangeboren: ze kunnen het, of ze kunnen het niet.

Hoe vaker je ermee op stap gaat, hoe meer je er kunt verspelen. Dat is vaak het enige wat je bereikt met veel en vroeg rijden. Duiven moeten vooral goed verzorgd worden; dan zijn ze niet te zwaar en mankeren ze haast niets. Het duivenspel is geen wedstrijd wie er de meeste over kan houden, maar wie de meeste bruikbare kan kweken.

Hier gebeurt alles volgens een vast systeem. Vandaar dat de start van het seizoen zelden gemist wordt. Natuurlijk heb ik ook wel eens een mindere vlucht, maar veel verval zit er nooit in — en dat komt doordat de duiven niet overladen worden met allerlei kuurtjes.

Verbeterde mengelingen

Als het goed is, zouden de nieuwe zakken bijna klaar moeten zijn. Zodra we ze hier hebben, worden ze afgevuld met de verbeterde samenstelling.

Zoals gezegd is in de Championsmix weinig veranderd, maar de NPO‑mix is wel sterk verbeterd. Die kan nu bij thuiskomst ook als vetrijke zuiveringsmengeling gebruikt worden, zonder dat hij zijn kracht verliest om de duiven op te voeren richting de vluchten. Ook zit er voortaan 20 kg in. Dus geen toegevoegde gerst zoals in zoveel zuiveringsmengelingen, maar vetrijke zaden om het herstel supersnel te laten verlopen.

Distributie straks via Van Tilburg

Al die cowboyverhalen die door criticasters de wereld in geslingerd worden dat we stoppen met de mengelingen, zijn nergens op gebaseerd — pure afgunst. We gaan het onszelf en alle betrokkenen alleen gemakkelijker maken door de distributie volledig bij Ronny van Tilburg neer te leggen.

Dat betekent dat er normaal gezien rond maart niets meer in Hoeven afgehaald kan worden. Ronny zal vast en zeker hier in de buurt een andere afhaalplek creëren waar onze mengelingen gehaald kunnen worden.

Voor de winkeliers en particuliere afnemers in binnen- en buitenland verandert er weinig. Zij kunnen gewoon blijven bestellen, maar dan bij Ronny zodra de nieuwe zakken er zijn. Ronny deed voorheen namelijk ook al alle bezorgingen bij winkels en particulieren.

De emmers en bijproducten zijn eveneens bij Ronny te bestellen, voor zowel particulieren als winkeliers. Prestavit, Octavit, de capsules en Origanum Red kunnen daarnaast altijd nog via onze site besteld en toegezonden worden.

Zo vraagt men mij wel eens wat nu eigenlijk een goede duif is. Persoonlijk vind ik Asduiven in de eigen afdeling goede duiven, evenals Gouden Cracks: duiven die meerdere eerste prijzen kunnen winnen in het spel ná het verenigingsspel. Al kan je de duiven die in de eigen vereniging meermaals de eerste winnen ook vaak op één hand tellen.

De echte supers

Duiven zoals Olympic Dragon met 7x top 10 NPO, Witbuiks Queen met 7x top 10 NPO, Torres Diamond met 5x top 10 NPO en Dragon Girl met 5x top 10 NPO — dát zijn natuurlijk de echte supers.

Ook de sectorwinnaars National Torres, Broken Dragon, Magic Dream en Zora vallen bij mij onder de topduiven, evenals tweevoudig 1e Nationaal Asduif Pure Gold en Olympic Millennium.

Als ik elk jaar enkele van dit type duiven kan kweken, ben ik zeker tevreden.

Geen commercie, maar prestaties

Zoals gezegd: commerciële duiven hoef en wil ik niet als ze niets gepresteerd hebben. Alles wat hier op het vlieghok belandt, moet iets gepresteerd hebben — en op het kweekhok is dat niet anders.

Ik breng elk jaar enkele zomerjongen uit mijn allerbeste, of aangekocht uit het allerbeste, naar de kweek. Maar ik wil daar snel iets bruikbaars uit kweken, en anders vliegen ze er net zo gemakkelijk weer uit.

Hetzelfde geldt voor samenkweek: brengen ze niets, dan gaan ze weer uit het kweekhok. En daar zaten al heel wat bekende commerciële duiven bij.

De enige weg naar succes

Ik heb in de laatste dertig jaar nooit anders gehandeld. De topduiven waren nooit te koop als er goede uit kwamen. Zomerjongen waar ik iets speciaals in zag, kon men op bieden wat ze wilden — zwichten deed en doe ik nooit. Ik weet als geen ander dat je alleen met die speciale duiven het verschil kan maken op de kweek.

Altijd rolt er uit zo’n kampioen weer een nieuwe, is het niet in de eerste dan in de tweede generatie. Vandaar dat ik altijd zomerjongen uit die topduif test om te zien of de doorkweek ook in orde is.

De enige weg naar succes — en die bestaat bij mij alleen uit de top 10 NPO!