We hebben een nawinter of voorjaarswinter, net hoe je het noemen wil. Hier is alles dan lekker rustig, want er komt geen duif buiten. Laat ze maar lekker rusten, de jonge duiven kunnen in de ren.

De jonge duiven doen het super, het enige wat ze tot nu toe hebben gekregen is de combi-enting PMV/rota. Verder krijgen ze alle dagen Origanum Red en Champions Mineralenmix op het voer en tweemaal per week een maatschep Prestavit per 1 kg voer. Hier redden ze zich prima mee.

Ze krijgen de gehele dag zoveel mogelijk zuurstof doordat alles wagenwijd openstaat. Ook worden ze elke avond kogelrond gevoerd, zodat ze netjes uitgroeien en inpluimen. De eerste jongen hebben een nieuw verenkleed aan en zouden al opgeleerd kunnen worden als het enkele weken verder is.

Of we aankomend weekend gaan vliegen, betwijfel ik, maar dat kan iedere dag nog veranderen.

De duiven zullen deze week weinig aan trainen toekomen, ook nu sneeuwt het weer buiten. De oude duivinnen gingen gisteren eind van de middag los, maar kwamen in een sneeuwstorm terecht. Ze konden hun val naar het hok gewoon niet maken. Amper een kwartier later scheen de zon volop en dat is dus april.

Begin wat later en eindig eind september, sneeuw zal je dan vast en zeker niet hebben. De rest van de week ziet er ook niet super uit, het wordt zoals het er nu uitziet pas zondag vliegen. Het zou dan beter zijn om zaterdag in te manden. Helaas zitten wij in Brabant altijd in de knoop met Quiévrain in België die op zondag voorrang hebben.

Hier gaat al een geruchtenstroom rond dat men uit wil wijken naar Bierges, dat is 90 km voor mij en amper 70 km voor de kortste afstand. Dat de NPO hier geen losvergunning voor kan geven, lijkt me duidelijk.

Men wou een nationaal vliegprogramma, dus zal men de regels moeten accepteren en dat houdt in een minimale afstand van 100 km. We gaan het zien. Het belooft niet veel goeds, maar niets is zo onvoorspelbaar als het weer, natuurlijk.

Dat de duiven weinig kunnen trainen aan huis is niet echt een probleem. Zaterdag of zondag een vlucht van 143 km is amper twee uurtjes vliegen. Duiven die dat niet aankunnen, zullen de rest van het jaar weinig potten breken.

Zoals het er nu uitziet staat er een kopwind, wat altijd beter is dan een harde wind vanachter waarbij de duiven die nog niet 100% top zijn heel wat kilometers extra moeten maken als ze doorvliegen. Met een kopwind gebeurt dit niet snel.

Hier mogen de vliegduiven vrijdagmiddag hun buikje rondeten met NPO-mix, want ik speel nooit op de honger. De duiven moeten hier gewoon op hun territorium binnenkomen.

Het eerste wat ik zondagochtend doe is de uitslagen in België bekijken. Het lijkt erop dat ook daar de gekte toegeslagen is met sommige 151 mee, 227 mee… Zelfs de kleinste Quiévrain speler heeft zijn kolonie verdubbeld.

Eén ding is zeker: de meeste gaan hier niet beter van spelen, op enkele na die altijd met veel duiven hebben gevlogen. Met veel duiven spelen vereist vakmanschap, want overzicht is er niet. Met veel duiven slecht spelen is echte ellende en liefhebbers haken dan sneller af omdat ze er niets meer aan vinden en door de bomen het bos niet meer zien.

Hier zitten nog 58 oude vliegduiven en dat zijn er voor mij duidelijk teveel. Jonge duiven lopen er ieder jaar veel rond, maar hun hokken zijn ook veel groter. Bij de oude duiven heb ik een hok van 4,5×3 meter en bij de jonge 13×3 meter. Daar komt bij dat de meeste jongen maar een half jaar op het hok verblijven.

Ik kom weinig bij de jonge duiven, alleen de zitplekken maak ik eenmaal daags zuiver met een stofkapje op en klaar. Ik kan slecht tegen de schilfers van de nieuwe pluimen, dus ik vermijd dat hok zoveel mogelijk.

Tellen doe ik ze niet, maar als er een vreemde tussen loopt, zie ik dat gelijk. Als er één weg is, ook. Wanneer ik ze binnen roep en eten geef, observeer ik de boel vanuit de buiten ren. Zodoende zie ik snel wat er mis is. Een gezonde duif hoort mee te eten met de rest. Eet er één niet mee, dan is het een vreemde of een zieke.

Als de duiven ziek zijn, ruik ik dat meteen. Dat doe ik ook als ze in orde zijn, dan hangt er een herkenbare zweetlucht in het hok na de training en voelen de duiven klam aan.

Openingstijden in het vliegseizoen

Aankomend weekend begint ook hier het vliegseizoen en daarom veranderen de openingstijden vanaf aanstaande zaterdag, namelijk van 08.00 tot 10.00 uur. Op woensdagen zijn we open van 15.00 tot 17.00 uur.

Octavit

Wij ontvangen veel bestellingen en vragen omtrent de Octavit. De eerste oplage kwam afgelopen week, maar die hebben we helaas weer terug moeten sturen wegens een productiefout. Ons is verteld dat we binnen twee weken nieuwe krijgen. Hier balen we van, maar de Octavit wordt pas vanaf 250 km gegeven, dus nog geen man over boord.

Op de meeste plaatsen is gespeeld. Sommige met uitslag, maar in Brabant 2000 waar dik 13.000 duiven aan de start verschenen, zonder uitslag. Ikzelf deed niet mee. Van mij mogen ze gerust in mei starten en tot eind september doorgaan. Vaak is het in april slecht en koud. De komende dagen houdt hij zelfs sneeuw, iets wat je in september niet gaat meemaken. Mannen als Ludo Claessens begonnen destijds ook niet voor mei met spelen.

Dat het koud is maakt niet zoveel uit, maar wel wanneer de duiven uit een vrachtwagen van 30 graden komen en een koude wind op kop krijgen. Als je niet oppast, lopen ze volgende week al met dikke koppen door het hok. Elke dierenarts zal dat de komende weken bevestigen.

Het seizoen is echter begonnen en sneeuw of niet, volgende week wordt er voor prijs gespeeld dus dan doe ik gewoon mee. Hier altijd een leeg hok op de inkorfdag, dus alles gaat ervoor. Duiven thuishouden doe ik nooit.

De twee ploegen jonge duiven trekken al aardig door het luchtruim, dus die worden snel samengevoegd door simpelweg de deur tussen beide afdelingen te openen. Er wordt nog wel wat bijgezet, maar die moeten het maar wat sneller oppakken als de grote ploeg het luchtruim kiest.

De overnachtduiven zitten met jongen van een week en gaan ’s avonds los. Deze duiven gaan over enkele weken gelijk op 200 km. Opleren heeft geen nut, ze kunnen er zo lang over doen als ze willen om thuis te geraken.

De kwekers liggen met eitjes en jongen voor Jan, maar alles dat voor de derde week van april geboren wordt, kan nog gewoon mee. Al is het op de tweede of derde vlucht. Er zijn altijd wel enkele die top 10 NPO halen op de laatste NPO-vlucht halverwege september.

Het steeds vroeger stoppen is in mijn ogen een fout van het NPO-bestuur. Dat ze Orléans op voorhand afbraken, ook. Ik weet zeker dat dit veel leden gekost heeft en veel spelvreugde weggenomen heeft bij jonge duivenspecialisten. Vergelijk het maar met voorgoed St. Vincent of Barcelona wegnemen.

Ik denk dat dit ook een van de redenen is waarom er weinig nieuwe aanwas is. Als men bij het wielrennen de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix voorgoed annuleert, kijkt ook de helft niet meer. Het ergste is dat men zich vaak te groot voelt om op beslissingen terug te komen, ook al zien ze achteraf in dat ze het bij het verkeerde eind hadden.

Voor de verliezen hoeft men het niet te doen, die vinden immers voor de wedvluchten plaats en ook de eerste wedvluchten kosten altijd duiven. De argumenten destijds waren niet onderbouwd, zoals zoveel dagelijks genomen beslissingen.

Wel wil men pronken met een Olympiade die voor het gros van de liefhebbers niets toevoegt. Orléans daarentegen is voor de meeste wel weggelegd, plus daar is wereldwijd belangstelling voor. Ik denk zelf dat dit sneller nieuwe leden met zich mee zal brengen dan een Olympiade.

Bovenstaande kop duidt ditmaal niet op de spanning voor een wedstrijd, maar die van een duivenlijf. Deze week ontving ik verontrustende mails van liefhebbers die op controle zijn geweest met hun duiven. Ze waren kerngezond merkte de dierenarts op, maar ze misten ‘spierspanning’.

Zelf lach ik met zulke praat, maar een onwetende liefhebber schrikt daarvan. Ik heb de desbetreffende mensen die mailden gerustgesteld en gezegd dat ze zich geen zorgen hoeven te maken, omdat er simpelweg niets aan de hand is.

Ik heb genoeg slechte nachten gekend net voor de vlucht. Ik had de duiven zo rond als een ballon ingemand en wist zeker dat ik de boel aan flarden zou spelen. Het kon dus niet snel genoeg ochtend worden. Wat zat ik er echter vaak naast en werd het een teleurstelling.

Andersom heb ik ook vaak wakker gelegen omdat ik de duiven slap had ingemand en bang was om op mijn donder te krijgen. Dat bleek achteraf niet nodig omdat ik het concours oprolde, ondanks dat ze slap aanvoelden.

Zo ging ik jaren terug met mijn duiven bij de dierenarts op controle. Ze waren gezond, maar zagen er niet uit volgens hem. Het zou niet verstandig zijn dat weekend dagfond te spelen. Je raadt het al, ik won dat weekend 3x teletekst van een zware dagfondvlucht. Duiven die in een verwarmd hok worden gehouden zien er altijd beter uit dan duiven uit een koud hok. Althans, in het voorjaar met het koudere weer.

Kortom, als ze gezond zijn en ze komen nog niet zoals je wilt, heb geduld. Het komt vanzelf. Laat je niet te snel iets wijsmaken. De uitslagen bepalen vaak wel of er wat scheelt of niet. Daarbij rekening houdend dat niet alle duiven de 1e prijs kunnen winnen. Zo zijn verenigingswinnaars nog niet altijd Rayon- of afdelingswinnaars. Dat is maar voor een kleine, specifieke groep duiven weggelegd.

Voorbereidingen

Iedereen is op zijn eigen manier met de voorbereiding op het nieuwe seizoen bezig. Hier gebeurt dat al jaren door middel van totaal weduwschap, alles gaat mee op de vluchten. Starten doe ik de eerste prijsvlucht. Na enkele vluchten sta ik vaak net zo ver als degene die ze al drie oefenvluchten heeft gegeven.

Ze zijn wel al enkele keren weggeweest, waarbij de duivinnen eerst gelost werden en de doffers 10 minuten later. De duivinnen stormen binnen omdat ze de gehele week niet in het dofferhok mogen en de doffers omdat de duivinnen al thuis zijn. Of het wat uitmaakt, weet ik niet. Elk jaar verspeel of selecteer ik wel duiven uit tijdens het seizoen, enkele duiven zitten dan gewoon zonder partner.

De partner van Miss Witbuik was na de derde vlucht weg, ze kwam nadien dus elke week thuis zonder dat haar partner er was. Het belette haar niet om de 1e NPO La Souterraine te winnen en 11e nationaal Asduif dagfond te worden.

Mijn Olympiade duivin had destijds een beroerde partner die uren na haar thuiskwam. Zij was het hele seizoen bij mijn eerste twee à drie duiven thuis en bleef dat gewoon doen. Dus ja, motivatie… Ik denk dat het gewoon goede duiven moeten zijn. Ze kunnen het of ze kunnen het niet, meer kan ik er niet van maken.

Ik heb het wel eens eerder aangehaald; mocht je ooit een echte topper op je hok hebben, dan zal je veel van zo’n duif leren. Die duif zal er altijd zijn, partner aanwezig of niet. En hij eet, drinkt en woont gewoon op hetzelfde hok als zijn hokgenoten die er niet zijn.